Programma "Binnenskamers" presenteert sterke en diepe teksten van heiligen en van mystieke auteurs voornamelijk over de intieme (gebeds)relatie met God; Pareltjes vanuit onze rijke schat aan Christelijke spirituele traditie.
Tekst nr1:
Welkom beste luisteraars. In deze uitzending gaan we weer verder met de vraag wat ons gebed als christen is. Daarvoor gaan we weerom bij de Heiligen in de leer, of om het met meer hedendaagse woorden te zeggen: we gaan bij ervaringsdeskundigen ons licht opsteken. Zij kunnen vanuit hun ervaring ons het best inlichten over wat het gebed eigenlijk is. Ze worden steeds geconfronteerd met de grote uidaging om het onzegbare te verwoorden. We moeten dus geduld hebben en aandachtig luisteren, of beter zelf, aandachtig lezen wat ze ons hebben nagelaten aan rijke christelijke spirituele lectuur. Het vraagt een hele toeleg, om zelf stilaan meer inzicht te krijgen in datgene dat ons verstand voor een groot stuk ver te boven gaat, maar het loont de moeite.
Het woordje heiligen wordt enerzijds gebruikt voor mensen die na hun dood heilig verklaard werden door de Kerk. Maar anderzijds kan het ook ruimer gebruikt worden. Sint-Paulus richt zich bijvoorbeeld in zijn brieven tot de heiligen van de gemeentes waaraan hij de brieven richt. Ze waren toen nog niet heilig verklaard en de meesten onder hen zijn ook nooit heilig verklaard geweest, maar de Apostel Paulus richt zich toch tot hen met deze aanspreektitel. We zijn namelijk allen geroepen tot heiligheid! en in de mate dat we dat echt willen nastreven, geeft God ons daartoe de genade. Meer hoeft dat ook niet te zijn...
Na een kleine muzikale pauze vervolgen we onze zoektocht naar wat een gebedsleven inhoudt. Het bidden staat namelijk centraal in een gezond Christelijk leven. Het is verbonden blijven met de bron van het leven, de adem van het leven inademen zodat zijn scheppend en herscheppend werk in en door ons mag gerealiseerd worden. Het is de diepe levensvreugde en -vrede vinden, of beter bezitten, die voortvloeit uit een leven in verbondenheid met God. Deze diepe vrede en vreugde rust ons toe om vastberaden de wil van God de Vader voor ons leven aan te durven, waar die ons ook mag toe leiden.
Muziek nr1: Wat God boven al van ons verlangt, dat is dat terwijl we onze eigen wil volledig aan hem afstaan, we Hem alles laten doen wat Hem gelieft. Van daaruit vloeit de ware en blijvende vrede voort die we bezitten.
Tekst nr2:
Een ander mooi beeld naast hetgene we vorige keer aanraakten om ons op het bidden beter voor te bereiden, nl. "Het op orde zetten van het huis", is "Het versieren van het huis".
De tekst waarover we nu zullen mediteren zal ook dienen voor later: het is belangrijk dat we al onze tijd nemen om in deze teksten, die de bedoeling hebben ons bidden te voeden, binnen te treden. Misschien ontmoedigen u dit langzame tempo. Laat je rustig bij de hand leiden: binnenkort zal je je gewaar worden dat deze stapsgewijze leertijd je veel tijd heeft doen winnen, en dat het bidden je zo gewoon en noodzakelijk zal geworden zijn als de ademhaling of het eten en drinken.
Laten we proberen het belang beter te verstaan om ons goed voor te bereiden op de ontmoeting met de Heer:
Eenmaal dat het huis op orde staat, is de volgende stap dus het versieren ervan. Een gastvrij huis is geen leeg huis, maar een bemeubeld huis. Ons terugtrekken of ons bezinnen is geen afwezigheid van gedachten, maar het ordenen van onze gedachten. Beginnen met orde te zetten in onze gedachten zal de stap zijn voor vandaag, en het zal het begin zijn van de methode die in de derde stap werd aangekondigd. Orde zetten, dat wil zeggen het terugdrijven van de zorgen die niets te maken hebben met ons gebed, en ons bezighouden met Diegene die daar is. En daarvoor beginnen we met ons een beeld te vormen of een voorstelling te maken van Hem. God is onzichtbaar, maar Hij heeft een zichtbare vorm aangenomen in Jezus. Door ons Hem voor de geest te roepen, en ons Zijn woorden opnieuw tot ons te laten spreken, wordt het Evangelie een bevoorrechte weg van het gebed.
Muziek nr2:
Tekst nr3:
Om te komen bij deze mensheid van God, zegt een sint Ignatius in zijn geestelijke oefeningen, een heilige Theresia van Avila in haar weg van de volmaaktheid of een sint Franciscus van Sales in zijn inleiding tot het vroom (of toegewijd) leven, om rustig een passage uit het Evangelie te beginnen lezen die we hebben gekozen omdat ze innerlijk tot ons spreekt, en ons goesting geeft om er meer van te vernemen. Dat zal de rol van de meditatie zijn op zich. We zullen het daarover verderop hebben in deze editie. Maar voor het ogenblik, na de tekst te hebben gelezen, zeggen deze meesters ons om een soort van innerlijk toneelstuk voor de geest te roepen, die ons in staat zal stellen om het te visualiseren en van daaruit beter te verstaan wat God ons wil zeggen in zijn Woord. Laten we hier Sint Franciscus van Sales volgen:
| (Een maal in de tegenwoordigheid van God,) zal men het uitwendige of materiële van het mysterie voorstellen aan zijn verbeeldingsvermogen om te mediteren, en wel op een manier waarbij het precies reëel en effectief gebeurt in onze aanwezigheid. Bij voorbeeld: als je wil mediteren over onze gekruisigde Heer Jezus, verbeeld je jezelf op de Calvarieberg te zijn en dat je alles ziet dat er toen gebeurde en gezegd werd op de dag van zijn Passie. Of als je wil, want het is hetzelfde, je stelt jezelf voor dat op de plaats waar je je bevindt, de kruisiging van onze Heer Jezus plaatsvindt op de manier dat de evangelisten het beschrijven... |
| door middel van deze verbeelding, sluiten we onze geest op in het mysterie dat we willen overwegen, opdat die (verbeelding) niet eender waar naartoe loopt, net zoals men een vogel opsluit in een kooi, of zoals men een sperwer vast maakt aan zijn halster, zodat hij in bedwang blijft. |
Dit komt uit de Inleiding op het devote Leven, II, 4 van Sint-Franciscus van Sales
Vast en zeker is het waarschijnlijk dat heel wat ideeën naar boven zullen komen die verband houden met zaken die we gelezen hebben. Maar momenteel zoeken we daar niet verder dan deze voorstelling op in te gaan, waaraan we onze meditatie van vandaag willen besteden.
Muziek nr3: (Een maal in de tegenwoordigheid van God,) zal men het uitwendige of materiële van het mysterie voorstellen aan zijn verbeeldingsvermogen om te mediteren, en wel op een manier waarbij het precies reëel en effectief gebeurt in onze aanwezigheid. Bij voorbeeld: als je wil mediteren over onze gekruisigde Heer Jezus, verbeeld je jezelf op de Calvarieberg te zijn en dat je alles ziet dat er toen gebeurde en gezegd werd op de dag van zijn Passie.
Tekst nr4:
Om te bezinnen nemen we nu als voorbeeld "De Boodschap van de Engel aan Maria"
We gaan een kleine praktische oefening maken van deze etappe van het gebed met het relaas van de Boodschap. Ik stel me Maria voor in haar vertrouwd kader, verzonken in stil inwendig gebed, met Jozef in het naburig atelier. En dan lees ik langzaam het relaas van sint Lucas. Eveneens probeer ik de scène visueel te volgen:
| In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazaret, naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: ‘Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.’ Zij raakte geheel in de war door wat hij zei en ze vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: ‘Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’ ‘Maar hoe moet dat dan gebeuren?’ vroeg Maria aan de engel. ‘Ik heb geen omgang met een man.’ De engel antwoordde haar: ‘De Heilige Geest zal over u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God. Bovendien is ook Elisabet, uw verwante, op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand. Want voor God is niets onmogelijk.’ Toen zei Maria: ‘Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.’ Toen ging de engel van haar weg. |
Evangelie volgens Sint-Lucas, 1, 26-38
Muziek nr4:
Tekst nr5:
Deze kleine meditatieve oefening van vandaag komt ons wellicht wat abstract over... Opdat ons bidden eveneens heel concreet zou worden beleefd, heeft de Christelijke godsvrucht talrijke middelen ontdekt. We zouden ongelijk hebben om ze daarbij niet aan te wenden: beelden, liederen, teksten van heiligen, een mooi standbeeld, een gebedshoekje in ons huis... allerlei dingen die onze ogen, onze handen, onze oren, ... richten tot God. Hij is immers aanwezig midden onder ons. Kiezen we uit dat alles hetgeen ons helpt om ons tot inkeer te brengen, zodat ons gebed niet enkel zou bestaan uit onze eigen ideeën, maar dat ze ook onze gevoelens mee opneemt, ons zicht, al onze zintuigen, en ten slotte het hele universum waarin we leven.
In een volgend stapje dat we samen willen zetten, zullen we het verwoorden als het "Praten met Hem".
Bidden is een ogenblik van de eeuwigheid! We nemen er gerust al onze tijd voor.
Laten we even tijd nemen om dit beter te verstaan:
We hebben ons geïnstalleerd met Diegene waarvoor we ons huis hebben klaargemaakt. Wellicht hebben we Hem niet zien noch horen toekomen,... want Hij was al aanwezig! Laten we zeker herhalen dat het bidden niet de bedoeling heeft om Hem te doen komen, maar wel om ons toe te laten Hem te verwelkomen, of beter gezegd hem aanwezig te weten. (We hebben dat in een van de vorige edities onderstreept). Het "zien" van de scène uit het evangelie, laat ons toe om aan Hem te denken, en daarbij is de tijd rijp om Hem al onze vragen te stellen en te luisteren naar Zijn antwoorden.
Hierover zegt Sint-Fransiscus ons het volgende:
| Na de daad van het verbeelden, volgt de daad van het verstaan of het intellect, wat we meditatie noemen. Dat is niets anders dan een of meerdere overwegingen, gedaan om onze genegenheid tot God op te wekken en het voor de goddelijke zaken te beroeren... Dat als uw geest voldoende smaak, licht en vrucht vindt bij een van deze overwegingen, je jezelf daarbij stilhoudt en niet gewoon doorgaat. Dat je zoals de bijen die de bloem niet verlaten zolang ze er nog honing vinden om te verzamelen. Maar als je er niet in slaagt om in de overwegingen iets naar je zin te vinden, na te hebben geprobeerd en te hebben onderhandeld, ga dan gewoon verder naar de volgende. Ga in deze bezigheid op een eenvoudige en ingetogen manier te werk, zonder gretigheid of begerigheid. |
Dit komt eveneens uit de Inleiding op het devote Leven, II, 5 van Sint-Franciscus van Sales
Muziek nr5: ‘Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’
Tekst nr6:
Laat ons twee belangrijke woorden uitleggen vanuit de traditie waarop Sint Franciscus van Sales beroep doet:
Als eerste nemen we de genegenheid of affectie (affection): ze is de gemoedsbeweging van de liefde in ons, die ons doet verlangen om de wil te doen van Hem die wij beminnen. De affectie of genegenheid is de motor van het bidden, gezien die geen ander doel heeft dan de liefde te wekken en die bewust en daadwerkelijk te maken. Een voorbeeld van de genegenheid: bij het lezen van het evangelie van de voetwassing, ontroert me de liefde die Jezus tot dienaar maakt dermate, dat ik niet anders kan dan me ter zijner dienste, en ten dienste van mijn naaste te zetten.
Vervolgens het woord overweging: ze is het intellectuele deel van de meditatie. Bij voorbeeld, wanneer ik het evangelie van de voetwassing lees, vooral als die mij niet zeer vertrouwd is, heb ik een zekere tijd nodig om erover na te denken, om te kunnen begrijpen dat Jezus zich ter mijner dienste stelt, en om van daaruit genegenheid op te wekken.
Muziek nr6:
Tekst nr7:
We zien dus dat de overweging ten dienste staat van de genegenheid, en niet omgekeerd. En laat ons onmiddellijk duidelijk maken dat volgens de verscheidenheid van gemoedsbewegingen, van roepingen en van de verschillende perioden van het geestelijk leven, zekere mensen veel overwegingen nodig hebben om resoluut de liefde van God (die het doel is van ons bidden) in zich te laten vorm krijgen, terwijl er anderen zijn die veel sneller onbekwaam zullen zijn om te mediteren, zozeer dat deze liefde zich overduidelijk aan hen oplegt:
| Je zal het soms meemaken, dat onmiddellijk na de voorbereiding (op je meditatie), je genegenheid geheel bewogen is in God. Dan moet je de teugels loslaten, zonder de methode die ik je gegeven heb verder te willen volgen. Waar althans normaal gezien de overweging de genegenheid moet voorafgaan, als de Heilige Geest je onmiddellijk de genegenheid geeft voor de overweging, dan moet je niet zoeken naar de overweging, omdat ze enkel plaatsvindt om de genegenheid op gang te brengen. Kortom, je moet altijd de gemoedsbewegingen of affecties plaats geven en ontvangen wanneer ze zich aandienen, of dat nu voor of na je overwegingen is. |
Dit komt nogmaals uit de Inleiding op het devote Leven, II, 8 van Sint-Franciscus van Sales.
We zullen hier later verder op ingaan (in een van onze volgende edities). Toch moest vanaf nu de waarschuwing van Sint Franciscus van Sales aangehaald worden, zodat zij die meer gehinderd dan geholpen zijn door deze te systematische methodes, er zich niet over zouden verwonderen.
Muziek nr7: Je zal het soms meemaken, dat onmiddellijk na de voorbereiding (op je meditatie), je genegenheid geheel bewogen is in God. Dan moet je de teugels loslaten, zonder de methode die ik je gegeven heb verder te willen volgen. Waar althans normaal gezien de overweging de genegenheid moet voorafgaan, als de Heilige Geest je onmiddellijk de genegenheid geeft voor de overweging, dan moet je niet zoeken naar de overweging ...
Tekst nr8:
Om te bezinnen nemen we de tekst van "De Boodschap van Maria nogmaals ter hand." We hernemen de tekst van in het begin van deze editie en zetten een stap verder door die te doen "weerspiegelen", om er aansporingen in te vinden waarmee we ons Christelijk leven beter kunnen beleven: het vertrouwen van Maria, haar toewijding aan God, de fijngevoeligheid van de Heer, ...
| In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazaret, naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: ‘Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.’ Zij raakte geheel in de war door wat hij zei en ze vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: ‘Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’ ‘Maar hoe moet dat dan gebeuren?’ vroeg Maria aan de engel. ‘Ik heb geen omgang met een man.’ De engel antwoordde haar: ‘De Heilige Geest zal over u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God. Bovendien is ook Elisabet, uw verwante, op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand. Want voor God is niets onmogelijk.’ Toen zei Maria: ‘Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.’ Toen ging de engel van haar weg. |
Evangelie volgens Sint-Lucas, 1, 26-38
Muziek nr8:
Tekst nr9:
Ten slotte willen we aan het einde van deze uitzending de volgende aanbeveling meegeven:
Vooral in het begin (als we nog niet heel vertrouwd zijn met dat soort van bidden) is het belangrijk om een tekst te kiezen, al dan niet bijbels, die onze gedachten zal kanaliseren naar Diegene die naar ons toekomt in ons gebed. Laten we onze gebedstijd niet aanvangen vooraleer we weten waarover we zullen spreken met Hem die op ons wacht. Misschien dient deze tekst tot niets omdat we heel snel, of zelfs onmiddellijk in de evidentie zullen zijn van de liefhebbende en liefdevolle aanwezigheid van God. (Deze evidentie betekent niet het gevoel, zoals we nog maar pas hebben onderlijnd). Het feit alleen al dat we het hebben voorbereid, vrijwaart ons van geestelijke luiheid. (Jawel, het is een soort geestelijke luiheid die regelmatig onze meditatie ontzenuwt. We zullen hier later in een van onze volgende edities verder op ingaan).
De teksten die we in deze editie hebben voorgelezen komen voor een groot deel uit een werkje van Pater Max de Longchamp, "Oraison à l'école des Saints", vertaald als "Bidden... bij de Heiligen in de leer". Het is een bescheiden poging om enkele belangrijke aspecten van onze hoge roeping en ons groot liefdesavontuur met God te proberen onder woorden te brengen.
Wenst u deze teksten graag nog eens rustig achteraf door te nemen, dan kan je via de website van RadioSpes de link vinden naar de uitgeschreven versie van deze uitzendingen. U kan ook steeds een van de laatste uitzendingen via internet herbeluisteren in een ietwat ingekorte versie.
Muziek nr9:
_____________
U luisterde naar het programma Binnenskamers, waar we deze keer stil zijn blijven staan bij een zeer belangrijk aspect van ons mens-zijn, namelijk "Het gebed, of onze geestelijke levensweg."